| Column Onsterfelijke vreugde |
|
|
|
| Geschreven door Lilian Ferru |
| zondag, 26 februari 2012 00:03 |
|
Naarmate ik ouder word denk ik geregeld aan de dood. Wat gebeurt er dan? Waar ga ik heen? Het lichaam kan je zomaar in de steek laten. Hoe vaak hoor je niet dat iemand onverwacht het aardse verlaat? Maar toch: wij zijn onsterfelijke lichtwezens. Wij zijn zoals God ons heeft geschapen en dat kan nooit verloren gaan. Het is in deze wijsheid dat alle verlossing van angst ligt. Wij zijn niet begrensd, maar onbegrensd. God is in mijn ogen liefde. Liefde kan niets anders willen dan dat ik gelukkig ben. De enige die het geluk kan saboteren ben ikzelf. Alleen het ego kan je wijsmaken dat je na de dood ophoudt te bestaan. Mevrouw X, de moeder van een goede vriend, krijgt van de dokter te horen dat ze nog maar kort te leven heeft. Vanaf die mededeling gaat het heel hard. Alles wat je gelooft word waar, daarom kun je nooit voorzichtig genoeg zijn met wat je zegt, maar goed, dit is een ander verhaal. Binnen een paar weken kan ze niet meer lopen en staat er een ziekenhuisbed in de woonkamer. Ik ken mevrouw X niet zo heel goed, maar opeens heb ik sterk de behoefte om naar haar toe te gaan. Het waait en stormt buiten. Ik voel me een beetje raar nu ik de dood ga ontmoeten. Ik heb er nog weinig mee te maken gehad. Daar ligt een klein mensje onder wollen dekens. Er is familiebezoek, gesprekken zijn in volle gang. Ik ga naar mevrouw X, leg zacht mijn hand op haar schouder en stem mij op haar af. Ze ademt rustig, ik voel kalmte. In gedachten wend ik mij tot de Heilige Geest. “Ik heb U uitgenodigd en U bent hier.” In steek de noveenkaars die ik meegenomen heb, aan. Mevrouw X is niet om alleen. Ik ben niet paranormaler dan ieder ander, maar ik voel duidelijk het licht dat haar omringt. Misschien zijn het Gidsen of Engelen, ik heb geen idee. Dit is helemaal niet eng, het is zelfs mooi. De volgende avond komt de vriend vertellen dat mevrouw X s ’middags vredig is gestorven. Ik sla een arm om hem heen. Ik zou moeten mee treuren, maar heel raar, ik word overspoeld door intense vreugde. Het is zo tegenstrijdig aan wat we zouden moeten voelen als iemand sterft. We worden geacht om te rouwen en om verdrietig te zijn. Toch weet ik in een flits dat haar ziel daar ergens danst en een hemels feestje viert. Ik zou wel kunnen zingen. Ik heb geen idee waar het vandaag komt, maar ik weet het gewoon: er is niets om bang voor te zijn. Wij zijn niet een lichaam, wij zijn inderdaad onsterfelijke wezens. God vrezen is bang zijn voor vreugde. We toosten op mevrouw X, ik kan alleen maar oneindig blij zijn.
Bron: http://www.limburgplus.nl/
Commentaar (6)
|











Alleen je beeld van God nog veranderen, en dan ben jij er ook!
Of denk je echt dat God jouw die liefde schenkt? De kerk wil wel dat je dat gelooft en zij hebben er een hele speciale reden voor...